dinsdag 11 juni 2019

Fountains Abbey & Studley Royal

Beste vrienden en volgers, 

De voorspelling voor vandaag is wederom de bekende Engelse liquid sunshine, maar we doen het er maar mee. het is in ieder geval overal mooi groen.
We rijden door het vlakke land rond York langs dunne weggetjes omzoomd met muurtjes van los gestapelde stenen. Als we bij de Yorkshire Dales komen, wordt het terrein wat meer geaccidenteerd. Doel van van vandaag is een bezoek aan Fountains Abbey. 




Dat is een Cistercienzer klooster uit de twaalfde eeuw, maar niet intact, het is een ruine. Overal in Engeland heb je zulke ruines. Koning Henry VIII is hier schuldig aan. hij hief begin zestiende eeuw het Engelse kloosterwezen op, en maakte zich en passant meester van de rijke clericale bezittingen. Die werden verkocht aan de hoogste bieder. De kloostergebouwen werden gestript van kostbaar materiaal zoals glas, lood voor de daken en kant en klaar bouwmateriaal.






Fountains Abbey ligt afgelegen in het dal van het riviertje de Skell. De Cistercienzer monniken stonden een spartaanse  levenswijze voor, met per dag acht gebedsmomenten, waaronder de laudes (' s morgens), de vespers (' s avonds) maar ook de vigiles die midden in de nacht werden gebeden.  




Na een moeizame start in 1132 groeide het klooster uit tot een rijke gemeenschap met een prachtig gebouwencomplex. Nog steeds is voorstelbaar hoe prachtig en weelderig het allemaal was. hoelwel schaars met versieringen. Er waren choir monks, die geletterd waren in de Latijnse taal, en hun leven weidden aan gebed, contemplatie en studie. Het bewerken van de omliggende landen werd overgelaten aan de lekenbroeders, die ongeletterd waren en strikt gescheiden leefden van de hogere monniken. In later tijden waren er onder de monniken veel gewijde priesters, en elk van hen werd geacht iedere dag de mis op te dragen. Speciaal voor hen werd de kloosterkerk uitgebreid met de kapel-met-de-negen altaren.      



Als een monnik overleed, werd hij na de uitvaart door de speciale noord uitgang (foto) naar buiten gedragen en aldaar begraven. 

Het geheel behoort tot het UNESCO World Heritage, maar dat komt eigenlijk niet eens door de Abbey. Even stroomafwaards van de Skell bewoonde in de achtiende eeuw ene John Aislabie het buiten van Studley Royal. 
Hij legde op zijn terreinen prachtige watertuinen aan, waar hij zijn gasten feteerde. Zijn zoon William kocht van de buren de kloosterruines, die natuurlijk flink bijdroegen aan de grandeur van de watertuinen. In die tijd was het mode om als adellijk persoon een ruine in de tuin te laten installeren, maar een heus vervallen klooster was natuurlijk helemaal top.   





Tuinen en ruines vormen een heerlijk wandelgebied, en vrijwilligers van de National Trust (de huidige eigenaar) verzorgen leuke informatieve rondleidingen. 



Een plek om nog eens terug te komen. Want we hebben het Deer Park van Studley Royal nog niet eens gezien, en ook niet Fountains Hall (gebouwd van stenen van de Abbey). En wellicht is het dan ook mooier weer. Studley Royal Hall gaan we niet bezichtigen. Dat is helaas afgebrand in de jaren veertig.



We logeren op Harefield Hall in Pateley Bridge. Een zeventiende eeuwse heerlijkheid en nu een hotel met tapijt in tartan motief, een eetzaal met een harnas in de hoek, en een heel begeerlijk menurepertoire.





  

Geen opmerkingen:

Een reactie posten